Teksten van Peter Spaans, periode 1997 - 1999
This is the Dutch version. English version takes some more time


* Sinds ik New York voor het eerst bezocht in 1982 ben ik me steeds verder gaan verdiepen in het fenomeen 'stad'. In die tijd was ik me niet bewust van de sterke betekenis die de stad voor mij heeft. Het was zuiver spanning, nieuwsgierigheid en interesse. Mijn kunstwerken in die tijd vervaardigde ik vanuit een diepe niet te omschrijven gevoelsmatige behoefte. Hierin legde ik mijn herinneringen en de ervaring van het reizen naar en in New York vast. Dat gebeurt nog steeds. Het verschil is wel dat ik door de jaren heen een ervaring opbouwde door het maken van werk, de deelname aan tentoonstellingen, gesprekken en interesses van anderen, het steeds weer doorkruisen van verschillende steden en de observatie daarvan en daardoor meer bewust ben geworden van wat mijn werk is, maar nog steeds is de nieuwsgierigheid en interesse in de ontwikkelingen in stedelijke gebieden een belangrijke drijfveer voor het vervaardigen van werk. (1997)

In mijn werk staat de herinnering en het verlangen naar de grote stad centraal. Ik zie de stad als een eindeloos labyrint en een emotioneel avontuur en als groot architectonische en geometrische verbondenheid. ik ben ge•nteresseerd in hoe de tijd bevriest op die plekken van de stad die verwijzen naar de historie en waar een visie die men in het verleden had op de toekomst (nog) zichtbaar is. Vooral plekken, die een culturele anonimiteit vertegenwoordigen. Plekken dus, die niet direct alles prijsgeven of waar je in een oogopslag aan kunt zien welke betekenis het had (heeft), functies, welke historie etc. De stad is organisch. je zou ook kunnen zeggen een metafoor voor het leven. het patroon van de stad met zijn leidingen, buizen en stelsels en organisaties, subway en andere routes etc. (1998)

Mijn werk is het best te zien als een groot werk in ontwikkeling. elk enkel beeld is onderdeel van een doorlopend verslag. obsessief gemaakte foto's. zonderling ook. door de fascinatie voor de banaliteit van de stedelijke bebouwing. ik beschouw mijn foto's als natuur. Ik fotografeer ook onder de naam photography of nature. In plaats van natuurfoto's zoals we die kennen fotografeer ik bruggen, straten, gebouwen, lelijke plekken. overzichtsfoto's van de stad. foto's uit de auto of trein of ramen. van alles. Ik loop steeds weer door de stad. zomaar vanuit het niets. ik leg beelden vast. zonder doel door de stad. Ik observeer de stad. niemand ziet mij. ik ben alleen. Ik wil wel contact. ik kijk om me heen. ik zie straten en gebouwen en veel auto's. ik tast de wanden van de stad af. ik vraag me af wat daar allemaal gebeurt. welke beslissingen worden daar genomen die van invloed kunnen zijn op in mijn leven? wie werken daar. wie wonen daar? wat is de functie van dat gebouw? waarvoor is dat gebouw eigenlijk gebouwd. wat is de historie? welke betekenis heeft de omgeving nog? waar is de historie? (1999)

(als tekst bij tentoonstelling Unlimited.nl/2, De Appel, Amsterdam) Mijn werk is het dwalen door steden zoals New York, Berlijn en Amsterdam. Het aftasten van straten, gebieden en gebouwen. Er zijn momenten, dat ik dit fotografeer. Nederland is mijn uitgangspunt en de plek van waaruit ik de wereld zie en verken. Ik observeer de ontwikkelingen in stedelijke gebieden, waarin verleden en toekomst zichtbaar zijn. Functies van de plek, plaats en gebouw gaan voorbij en veranderen. Grote steden imponeren. Ze zijn door mensen gemaakt maar ontsnappen uit haar greep. De stad is een verbeelding van deze onmacht. De stad is als een labyrint, een ondoorzichtige structuur en een baken voor de toekomst. Door de fotografie leg ik mijn interactie met deze stedelijke hedendaagse omgeving vast. Ik plaats de gekozen foto's in een planologische, lay-out achtige vorm. Een filmisch raamwerk; een reeks van beelden, die refereren aan stedelijke ordening en complexiteit. Mijn werk is het best te zien als een groot werk in ontwikkeling. Elk enkel beeld is onderdeel van een doorlopend verslag. Waar de foto eindigt, is de stad eindeloos. (1999)

tekst behorende bij foto in het blad Archis, februari 1999: (met foto met uitzicht uit het consulaat in het Rockefeller center, New York). Dit zuigende straatlandschap gefotografeerd door Peter Spaans maakt deel uit van een tableau met stedelijke observaties met Nederland als vertrek en uitgangspunt. Het beeld, eerder een model en visioen dan stedelijke realiteit, roept tal van referenties aan de geschiedenis van de moderne architectuur en stedebouw op en grijpt tegelijk vooruit op een stedelijke conditie in ontwikkeling.

Ik vind iets fascinerend als ik het niet begrijp / ondoorzichtig is. verrassingen. onverwachte dingen. Maar ik hou van structuur. pas dat toe in mijn werk en organisatie van mijn leven. Ik laat het ook weer los, organiseer het vervolgens weer. er moeten duistere kanten overblijven om te prikkelen en te verlangen. Ik wil wel alles weten, ik lees zoveel mogelijk. Ik kijk altijd om me heen. Ik kan soms uren niets bekijken. en erover nadenken. De stad biedt mij die uitdaging. Als een eenling opgeslorpt worden door de stad. een omgeving die steeds meer ondoorzichtiger wordt. waar structuren zijn, die bepalen wat ik doe, waar ik ga en hoe het werkt. maar dat is zoveel dat je weer zelf kiest. denkt te kiezen. een ontdekkingsreis, die steeds weer opnieuw word uitgevoerd. de stad is als leven. heel vaak loop ik alsof ik in een glazen doos loop. niemand ziet me. ik zie alles om me heen. ik snel door de stad. observeer. pak beelden van de stad af. ze zijn dan van mij. ik bepaal vanaf dat moment wat deze beelden zijn. anderen kijken door mijn ogen opnieuw naar de stad. (1998)

Er zijn plaatsen in New York waar je niet mag fotograferen. en dat zijn er vele. van te voren moet je permissie vragen. Zoals bijvoorbeeld het fotograferen in de subway. dit moet je van te voren aanvragen. Ik heb een boek gemaakt: New York From the Yards, waarin ik het mogelijk maakte vanaf de subway yards in New York met afstand te kunnen kijken naar de stad die daarom heen lag. Dat gaf een prachtig nieuw beeld op van New York, maar vertelde ook iets over de stad. Hiervoor was zware permissie nodig. dat ging maar koste veel energie. Het vreemdst is dat sommige uitzichten wel te bekijken zijn maar niet te fotograferen. Beter gezegd: als je het fotografeert, is het alleen voor je zelf en mag het niet gebruikt worden in wat dan ook. je moet het van te voren aanvragen en krijgt dan waarschijnlijk geen toestemming. beschermd uitzicht. Dit is het geval in het Rockefeller center waar het nederlands consulaat is gevestigd. ik heb daar nietsvermoedend foto's genomen uit de ramen van het gebouw. wat ik altijd doe. fotograferen vanuit gebouwen. een jaar later verwerkt in een boekje. in een later gesprek met Frank Ligtvoet vroeg ik kan ik foto's nemen? waarop hij zei NEE, dat kan niet . uitzicht verboden voor foto's. (1998) Het werk Prohibited View, gemaakt met een van de foto's genomen uit het Rockefeller Center, is te zien op de tentoonstelling Unlimited.nl/2 in De Appel, Amsterdam (1999)

Ik loop graag door de stad. ik heb favoriete steden. Ik verbaas me over de grootte, de opwinding. als ik loop wil ik soms wel, soms niet fotograferen. ik fotografeer om niet te vergeten, om thuis de beelden weer te voorschijn te kunnen halen. thuis bij mij te hebben. Ik heb een fascinatie voor ontoegankelijke gebieden. suspense. geheimzinnig. Ik wil weten wat daar allemaal gebeurt. Ik word geroerd door de schoonheid van verval en onafheid. en van lelijkheid en lege plekken. bouwplaatsen. braakliggende terreinen. grote steden imponeren. ontzag. door mensen gemaakt en ontsnapt uit haar greep. geen greep meer op de situatie. De stad verbeeldt gebrek op greep / situatie / omstandigheid. De stad is als een labyrint. eindeloos dwalen. hoe grote, hoe beter. geen einde. naar een stad toe gaan en er weer weggaan. onzichtbare gebeurtenissen. structuren. onduidelijkheid. troebel. rafels van de stad. (1999)

Ik woon in Amsterdam en ben me bewust van haar stedelijke gemoedelijke omgeving. ik loop en fiets er graag door heen. toch wil ik steeds weer naar andere steden. want deze zijn anders of groter, hoger, eindelozer, herkenbare plekken opnieuw beleven. veranderingen meemaken. een zijn met de stad. onderdeel er vanuit maken. De stad is voor mij organisch. er word gepland. in feite is alles bedacht, gestructureerd. maar door veelheid is er geen vat meer op te krijgen. zelfs als een stad volledig wordt verwoest, wordt op de puinhopen de stad herbouwd. de stad gaat een eigen leven leiden. boven de mens. het wordt als natuur, voortgebracht door de mens. Net zoals in Nederland, alles is bedacht. het is een natuurpark. stedelijke natuur. Alles heeft een functie. en is daardoor onbeheersbaar geworden. te groot. gaat een eigen leven leiden. Nederland is een soort New York in het groot (in oppervlakte). De Beemster in Noord-Holland gaat er prat hoop model te staan voor New York ivm zijn polder structuur. Er zijn dezelfde soort plekken aan te wijzen, zelfde functies. New York is gecomprimeerd in lagen op elkaar. De hoogte in. De diepte in. grotere en veelvuldiger verkeerstromen. subway systemen. auto's. Ik beperk me niet tot Nederland. Ik verweef verschillende plekken met de zelfde functies of eigenaardigheden tot een beeld. Of ik mix tijd door elkaar. het wordt een gegeven. een beeld. monumentaler. Ik maak het groter, uitgebreider als het is. De toekomst is dat we in zeer grote stedelijk gebieden gaan leven. de ingrepen van vroeger blijven zichtbaar, veranderen, functies gaan voorbij, nieuwe komen in de plaats. (1999)

Het mooie van de stad is zijn eindeloosheid. het mooie van een foto is zijn einde. zijn beperktheid. het kader. eens houdt een foto op. het kader bepaald wat je ziet. concentratie op dat gebied. meer foto's bij elkaar geeft meerdere aandachtspunten. de stad is natuur bij uitstek om te fotograferen en te bewonderen. Machtscentra bij uitstek. monumentaal door grootte. uitgestrektheid / menselijk kunnen. de stad is als een gedachte van een geheel. niet persoonlijk. heel veel verschillende uitdrukkingen ineen. de stad verliest terrein aan cyberspace. maar compenseert dit door haar fysieke aanwezigheid. voor hoe lang nog? hoe lang zal dit genot nog blijven binnen de context van digitale voortgang?

Door gebruik te maken van de fotografie ben ik in staat om mijn interactie met de stedelijke hedendaagse omgeving vast te leggen. De gekozen beelden zijn formeel en hebben neiging naar het niet romantische, het algemene, met uitzicht vanaf een afstand naar de menselijke bijenkorf. Ik verwerk de foto's door bepaalde combinaties te maken en plaats deze mix van verlangen, werkelijkheid en herinnering in een planologische, lay-out achtige vorm. hierbij maak ik gebruik van een filmisch raamwerk, een reeks van beelden, die refereren aan stedelijke ordening en complexiteit. De foto's krijgen hun betekenissen door onderlinge rangschikking, plaatsing in het werk en door het systeem waar ze deel van uit maken. Ik gebruik nieuwe foto's en oude foto's, die ik al eerder gemaakt heb. Het komt best vaak voor dat ik dezelfde foto's meerdere malen gebruik in verschillende werken, waardoor de betekenissen van een foto kunnen gaan verschillen. Om toegang tot mijn oude fotomateriaal te verkrijgen, te verbeteren en mezelf bewuster te worden van de kwaliteit daarvan, heb ik een computer archief opgezet. Daarin beschrijf ik de foto's, laat onderlinge verbanden tussen de foto's zien en zorg ervoor dat ze via een database gemakkelijk op te sporen zijn. (1998-1999)

Ik werk met fotografie, dia's, computer (website) en video.

home | other texts